Gelukkig, dramales!

Uit: Kinderwijz magazine

‘Yes, dramales! Lekker niet leren!’ Het is Jay die het roept. Jay is 10 jaar. Het is donderdagochtend, kwart over acht, en hij komt de school net binnenrennen. Op de basisschool van Jay staat eens in de veertien dagen dramales op het rooster. Dat maakt hem blij.De leerkrachten hebben heel bewust voor drama gekozen, juist voor kinderen als Jay. Jay is zo’n jongen die eigenlijk niet zo graag naar school gaat. Op school moet je veel stilzitten, lezen en schrij-ven. Jay wil graag bewegen, hij is heel associatief, en vanwege zijn enthousiasme reageert hij snel en praat hij graag en veel. Dat komt op school niet altijd goed uit.

Jay heeft het geluk dat zijn juffen en meesters daar begrip voor hebben en zoeken naar werkvormen waarin kinderen zoals hij goed tot hun recht komen. Drama is zo’n werkvorm. De dramales maakt dat Jay weer met meer plezier naar school gaat. Voor Jay voelt het als ‘niet leren’, want voor hem vallen alleen rekenen, lezen en schrijven onder het begrip ‘leren’.

Leren doen kinderen in dramalessen wel degelijk; leren met veel plezier. In dit artikel lees je hoe dramales kan leiden tot effectief leren en waarom dramales kinderen gelukkig maakt.

If a child can’t learn the way we teach, maybe we should teach the way they learn. Ignacio Estrada, leerkracht speciaal onderwijs Verenigde Staten

Spelen en creativiteit

Spelen is een natuurlijke behoefte van kinderen om zich te ontwikkelen. Dramales voorziet in die behoefte. Spelen doe je voor je plezier. Spelen in de dramales kan variëren van een spelletje tot een dramatische spelvorm. Met kleuters zal dit nog vaak binnen imiteren, oefenen en doen-alsof-spel passen. Als kinderen ouder worden, zijn ze beter in staat tot acteerspel waarbij ze zich inleven in een andere rol. Tijdens het spel worden het voorstellingsvermogen en de fantasie van kinderen aangesproken.

Je doet bij drama allemaal leuke dingen en je kunt er je fantasie op loslaten. Alle kinderen verdienen dramales. Rowin – groep 5

Drama is een actieve werkvorm die kinderen ervaren als een welkome afwisseling binnen het lesprogramma. Uit onderzoek blijkt dat kinderen die actief mogen leren beter gemotiveerd zijn (doordat ze meer bij de stof worden betrokken) dan leerlingen die de stof passief tot zich moeten nemen1. De dramales komt tegemoet aan verschillende voorkeursleerstijlen van kinderen.

Drama doet een groot beroep op de creativiteit van kinderen. Iedereen is in principe creatief en creativiteit kun je verder ontwikkelen door training. Kinderen die hun creativiteit goed leren inzetten, zijn in staat om nieuwe manieren te vinden en andere oplossingen te bedenken. Het lukt ze vaak beter om verbanden te zien en iets nieuws te creëren. Dat leidt tot een uitbreiding van mogelijkheden: verder kijken dan je neus lang is en out of the box denken.

Education is not the filling of a pail, but the lighting of a fire. William Butler Yeats, Iers dichter en toneelschrijver (1865-1939)

Trainen van sociale vaardigheden

In dramalessen leer je te overleggen, samen vorm te geven en samen te spelen. Daarbij is het belangrijk om doelen te stellen, compromissen te sluiten en eventuele problemen op te lossen. Kinderen voelen zich uitgedaagd om actief en constructief samen te werken en verantwoordelijkheid te nemen. Onderlinge verschillen worden benut en gezien als kansen om te leren van elkaar. Dat levert een positieve bijdrage aan de sfeer in de groep.

Drama is leuk. Je leert dat je aardig moet zijn voor anderen en je leert over mimiek. Jarne – groep 8

Drama kan bovendien een oefengebied vormen voor de werkelijkheid. Doordat het ‘maar spel’ is, geeft het ruimte om anders te doen, nieuwe ervaringen op te doen en andere rollen uit te proberen. Spelen kan op deze manier de gedragsmogelijkheden van kinderen uitbreiden. Het letterlijk uitspelen van situaties maakt dat de kinderen beter in staat zullen zijn om iets vanuit een heel andere invalshoek te bekijken.

In dramalessen kun je kinderen handvatten geven om goed om te gaan met verschillende sociale situaties. Ze krijgen meer inzicht in zichzelf en worden zich bewust van wat werkt of wat je beter anders kunt doen. Je leert in dramalessen voor te dragen, voor publiek te spelen en te presenteren. Een waardevolle ervaring, waardoor kinderen meer zelfvertrouwen krijgen.

Ik durfde eerst niet zo veel voor de klas en nu wel. Dus die dramalessen hebben me daarbij geholpen om voor de klas iets te doen.Aymee – groep 7

Kinderen leren om elkaar respectvol van feedback te voorzien, applaus te ontvangen en samen van vreugdevolle momenten te genieten. Kinderen groeien, worden zich bewust van hun eigen mogelijkheden en die van klasgenoten. De waardering voor elkaar stijgt.

Taalontwikkeling door middel van drama

Op de school van Jay staat drama in eerste instantie op het rooster met als doel het taalniveau van de kinderen op een hoger peil te brengen. Drama is het middel ten dienste van de kerndoelen voor mondeling taalonderwijs en taalbeschouwing. De Nederlandse kerndoelen zijn vastgesteld door het Nederlandse Ministerie van Onderwijs. Ze geven aan welk aanbod en welk niveau een school voor kinderen moet realiseren. Kinderen op de school van Jay scoorden lager dan het landelijk gemiddelde, met name ten aanzien van woordenschatkennis. De oorzaak lag onder andere in het feit dat de kinderen thuis veelal dialect spreken. De combinatie van drama en taalonderwijs blijkt effectief, het taalniveau van de kinderen die aan woordenschat-ontwikkeling werken door middel van spel blijkt zonder uitzondering te stijgen.

Ik had nog nooit drama gehad en het is heel leuk! Je leert met elkaar toneelspelen en ook moeilijke woorden. Myrthe – groep 6

Casus

Daan (8 jaar) heeft het syndroom van Asperger. Hij is intelligent en vindt het lastig om met andere kinderen iets voor te bereiden. Toneelspelen is vreselijk spannend en voor een presentatie voor publiek holt hij het liefst gillend weg.

De eerste dramalessen is Daan toeschouwer. Forceren werkt in dit geval averechts. Het is mijn taak om hem te laten zien dat hij in de dramales veilig is. Voor Daan is het nodig om eerst eens te observeren. Drama is een nieuw vak, dus ik geef hem de ruimte om een beeld te krijgen van wat een dramales nou eigenlijk inhoudt. Wel geef ik Daan die les een opdracht mee: ‘Kijk in het boek of ik de les wel uitvoer zoals staat beschreven.’ Hij vindt het een interessante taak. Ondertussen leest hij alvast wat er de volgende week op het programma staat. Ik vraag gedurende de les telkens aan Daan of ik het wel goed doe. Op een kleine correctie na doe ik het gelukkig goed.

De volgende les vraag ik hem aan de klas uit te leggen wat we gaan doen. In de loop van de les noem ik Daan niet meer bij zijn naam, maar kondig ik hem aan als ‘de presentator’. Telkens als de presentator goed heeft verteld wat we gaan doen, krijgt hij applaus. Er ontstaan blosjes op zijn wangen, Daan straalt.

In de loop van de les vraag ik Daan de dramales die we de volgende keer gaan doen goed te bestuderen. Aan het eind van de les vraag ik hem om me te vertellen welk onderdeel van de les hij denkt mee te kunnen doen. Hij kiest het tweede spel.

Als Daan die derde les binnenkomt, zie ik meteen hoe zenuwachtig hij is. Ik probeer hem vertrouwen te geven door te zeggen dat ik zeker weet dat het leuk zal zijn. Ik heb niet de indruk dat het helpt, want hij moet nog snel even naar de wc. Ik verzin een taak, zodat de zenuwen niet de overhand kunnen krijgen. Ik pak een fotocamera en vraag Daan persfotograaf te spelen tijdens deze les. Hij doet het spel mee en het gaat goed! Daan is zichtbaar opgelucht.

De volgende dramalessen doet Daan gewoon mee, zijn zelfvertrouwen groeit. En als een opdracht hem eens echt te spannend is, vraagt hij of hij weer persfotograaf mag zijn. Natuurlijk mag dat.

De combinatie drama en taal werkt omdat je in een dramales acteert. Je gebruikt gebaren en mimiek. Als het niet goed lukt om iets onder woorden te brengen en je met je mond vol tanden staat, geeft drama de mogelijkheid om te blijven communiceren. Het werken met non-verbale aspecten geeft kinderen met een kleinere woordenschat de mogelijkheid om gelijkwaardig mee te doen. Tijdens het spel hoor je de gesproken taal van andere kinderen of van de leerkracht, waardoor de woordenschat wordt uitgebreid en tegelijkertijd wordt toegepast. Er komt heel wat bij kijken om nieuwe woorden te verwerven. Taal relateer je aan je eigen referentiekader. Toen in een groep 8 in Oost-Nederland het woord boulevard aan bod kwam, kende niemand de betekenis. Geen wonder, we zaten ver van zee. Eén leerling dacht het te weten: ‘boule’ is een boel, dus veel, en ‘vaar’ komt van varen: iets waar veel boten zijn. Een haven zeker. Ik liet de klas een aantal afbeeldingen zien. Eén leerling was bij nader inzien wel eens op een boulevard geweest. We brainstormden over wat je zoal kon zien en doen op een boulevard. Vervolgens gingen we het spelen. Wij op de boulevard: we hoorden de zee, we voelden de wind, we huurden skeelers en kochten een ijsje. Er zat zand tussen onze tenen.

kinderenKinderen blijken taal en woorden beter te leren als ze de woorden kunnen beleven. Je gebruikt je hele lijf, meerdere onderdelen van je brein worden geactiveerd, waardoor een woord beter beklijft als je het speelt. Alleen uitleggen of kijken naar een afbeelding voldoet niet.

Taalontwikkeling tijdens de dramales gaat verder dan alleen woordenschatverwerving. Als je een tekst bedenkt, dan schrijf je taal op. Als je een scène bedenkt, dan speel je met taal. Je fantaseert en overlegt, bedenkt wat je nodig hebt om iets duidelijk te maken, maakt keuzes, je denkt na over opbouw van een scène en kiest een volgorde, bepaalt welke personages erin voorkomen, maakt monologen of dialogen en dat alles resulteert in een plan. Regelmatig maken kinderen vanzelf aantekeningen of noteren teksten: beginnende en gevorderde geletterdheid. Als het plan is bedacht, dan repeteer je en samen zoek je naar verbeteringen. Er volgt opnieuw een overlegmoment waarin kinderen elkaar en zichzelf feedback geven. Complimenten worden genoteerd. Taal is drama, drama is taal, onlosmakelijk met elkaar verbonden. Met een beetje sturing van de leerkracht kan menige taalles een dramales zijn. Helemaal geen gek idee.

Dat je met dramales meer kunt bereiken dan het maken van toneelstukjes mag duidelijk zijn. In een heel klein percentage van de kinderen ontpopt zich misschien een acteur, maar dramales staat vooral op het rooster voor iedereen die zo graag even speelt, voor alle kinderen die maar al te graag even van hun stoel willen komen om lekker te bewegen, voor de kinderen die graag en wellicht liever leren met hun lijf dan uit de boeken. Het woord drama komt van oorsprong uit het Grieks en betekent ‘handeling’, ‘verrichting’ en ‘bewuste daad’. Als we nou als leerkrachten die handelingen en verrichtingen weer bewust inzetten in de vorm van dramales, dan leidt dat tot gelukkig leren.


1.Cooper (red.), Making a World of Difference. A DICE resource for practitioners on educational theatre and drama. DICE consortium, Wageningen 2010.

Gelukkig, dramales!